Pestprotocol

Beleid pesten op de Vossenburcht

Algemeen

Pesten komt helaas op iedere school voor, ook bij ons. Natuurlijk doen we er alles aan om pesten te voorkomen. We besteden in elke klas aandacht aan het belang van je goed voelen binnen de groep.

Samen met alle leerlingen gaan we op zoek naar wat ze nodig hebben om zich veilig en gelukkig te voelen op school en hoe ze elkaar daarbij kunnen helpen. Dit doen we, zoals u weet, o.a. met de methode ‘Leefstijl’. Niettemin loopt het soms fout en kan er pestgedrag ontstaan. Wij passen in dat geval op school de "Steungroepaanpak" toe. Wij hebben daarvoor als team in het afgelopen schooljaar een cursus gevolgd. Deze methode heeft tot doel elke pestsituatie zo snel mogelijk te stoppen en op te lossen. De pester wordt niet beschuldigd of gestraft. Hij of zij wordt wel betrokken bij een groepsgesprek, waarbij een aantal andere leerlingen de verantwoordelijkheid en de taak krijgen ervoor te zorgen, dat de gepeste leerling zich weer goed en veilig kan voelen in de klas en op school. Door deze groepsbenadering wakker je de empathie (=meevoelen met een ander) van de leerlingen aan en leer je hun dat ze zelf deels verantwoordelijk zijn voor de goede sfeer binnen de groep. De pester ervaart dat zijn gedrag niet wordt gewaardeerd door de groep en dat hij of zij niet langer kan rekenen op steun van de anderen.

Wij kiezen voor deze methode omdat het bestraffen van pestgedrag nooit voor oplossingen op lange termijn zorgde. Leerlingen die gestraft worden, nemen soms wraak, ze gaan nog onopvallender aan de slag of ze verschuiven hun pestgedrag naar situaties buiten de school.

Wij gaan ervan uit dat leerlingen die pesten zelf ook behoefte hebben aan ondersteuning of begeleiding, zodat ook zij zich opnieuw goed kunnen voelen binnen de groep en niet in een spiraal van negatieve aandacht en straffen belanden. Deze methode werd reeds in verschillende scholen met succes toegepast.

Wanneer uw kind dit schooljaar slachtoffer zou worden van pestgedrag, gaan wij ervan uit dat wij samen de hoop delen dat het pesten zo snel mogelijk stopt. Daarom is het belangrijk dat wij op de hoogte zijn van mogelijke pestproblemen.

Pesten moet als probleem worden gezien door alle direct betrokken partijen: leerlingen, leerkrachten en de ouders/verzorgers. Wij hebben daarom als school regels bij het pesten opgesteld.

Regels bij het pesten:

  • Wij accepteren pestgedrag niet.
  • Wij spreken erover met de daders en maken duidelijk dat dit gedrag onacceptabel is.
  • Wij praten met het slachtoffer en maken duidelijk dat er alles aan gedaan wordt om het aan te pakken en op welke manier.
  • Wij stellen elkaar als teamleden van het probleem op de hoogte en vragen advies aan elkaar.
  • Wij stellen de ouders/verzorgers van de dader(s) en het slachtoffer zo snel mogelijk op de hoogte.
  • Wij betrekken deze en andere ouders in een eerste plan van aanpak om verdere pesten te voorkomen.
  • Wij gaan als leerkracht samen met alle leerlingen in de klas aan de slag: stop het pesten.

Wat is pesten?

Iemand wordt gepest als hij langere tijd blootstaat aan opzettelijke negatieve handelingen. Iemand wordt bewust gehinderd of pijn gedaan. De pester gebruikt een vorm van geweld. Er is een ongelijke verhouding, de pester misbruikt zijn macht. Het slachtoffer heeft er moeite mee zich te verdedigen.

Plagen is geen pesten; plagen is een incident, de ene keer doet de één het, de andere keer een ander. De kinderen zijn aan elkaar gewaagd. Je moet leren om tegen plagen te kunnen. Het is niet altijd leuk, maar het is niet bedreigend.

Voorbeelden van pesten:

een kind isoleren, insluiten of opwachten; een kind belachelijk maken of uitschelden; lichamelijk geweld gebruiken; dingen afpakken of kapot maken; roddelen of fluisteren; bedreigen/chanteren, briefjes schrijven over het kind; pesten via sociale media.

Voorwaarden voor de aanpak van pestgedrag

De leerkracht probeert het pesten te voorkomen.

  • Hij is alert op signalen die op pestgedrag wijzen.
  • Pesten wordt nooit getolereerd.
  • Wordt er gepest, dan volgt een directe aanpak.

Pesten voorkomen

  • De leerkracht werkt aan de volgende zaken:
  • Hij geeft altijd een goed voorbeeldgedrag, vanuit het christen-zijn.
  • Hij observeert en versterkt het sociale gedrag m.b.v. de methode ‘Leefstijl’.
  • Alle kinderen zijn op de hoogte van de schoolregels: die hangen dan ook zichtbaar in de lokalen.
  • In alle groepen komt eens per jaar het onderwerp pesten aan de orde via de methode ‘Leefstijl’.
  • Leerkrachten zijn waakzaam bij ruzies en helpen dit duidelijk op te lossen.

Ouders leren hun kind:

  • De regels van school te respecteren.
  • Te zeggen wat het fijn en niet fijn vindt.
  • Om hulp te vragen als dat nodig is.

Alert zijn

Leerkracht en ouders letten vooral op de volgende signalen bij kinderen:

Het kind klaagt over pestgedrag.

  • Het kind verandert extreem van gedrag.
  • Het kind wil niet naar school.
  • Het kind klaagt over te herleiden lichamelijke klachten zoals buikpijn.
  • Het kind werkt en speelt veel alleen.

Pesten wordt nooit getolereerd!

De leerkracht probeert zicht op het probleem te krijgen. Hij neemt duidelijk stelling en er wordt vervolgens actie ondernomen.

Directe aanpak van pesten

De betrokkenen bij pestgedrag zijn:

Het gepeste kind, de pester(s), de groep, de leerkracht en de ouders.

Het gepeste kind:

  • Moet weten dat het zich niet op de kop hoeft te laten zitten, het mag ‘nee’ en ‘stop’ zeggen.
  • Moet er met iemand over praten (dat is geen klikken!).
  • Gaat dan samen met de leerkracht bedenken wat er moet gebeuren om het op te lossen.
  • Weet dat er niets buiten hem om gebeurt.
  • Weet dat het geholpen wordt.
  • Kan bij erg slechte weerbaarheid professionele hulp nodig hebben.
  • Kan de kindertelefoon bellen voor hulp.

De pester(s):

  • Wordt met zijn gedrag geconfronteerd.
  • Heeft gesprekken nodig met de leerkracht.
  • Krijgt hulp van de leerkracht om zijn gedrag onder ogen te zien en te veranderen.
  • Kan bij extreem pestgedrag professionele hulp nodig hebben.

De groep:

In een groep kunnen meelopers zijn en kinderen die het ontgaat.

  • Meelopen of toekijken wordt niet getolereerd.
  • Een leerling gaat zelf niet mee pesten.
  • Hij kan proberen het pesten te stoppen als de situatie veilig is.
  • Hij haalt hulp van de leerkracht als dat niet lukt.
  • Hij laat aan het gepeste kind merken dat het erbij hoort.

De leerkracht:

Bespreekt het pestgedrag met collega’s.

  • Bij onderhuids pesten stelt de leerkracht het pesten algemeen aan de orde in de groep.
  • Bij actief pesten neemt de leerkracht onmiddellijk en duidelijk stelling.
  • Het pestgedrag wordt met de pester besproken en er worden oplossingen bedacht om de situatie veilig te maken.
  • Er kan straf nodig zijn.
  • De leerkracht houdt vervolgens de situatie heel goed in de gaten.
  • Hij geeft de pester(s) hulp.
  • Hij weegt bij extreem pestgedrag af of er professionele hulp nodig is en bespreekt dit met het team.
  • Hij geeft het gepeste kind hulp.
  • Hij bespreekt de gang van zaken met het kind.
  • Hij observeert het kind langere tijd.
  • Hij licht de ouders van het gepeste kind en van de pester(s) in bij actief pestgedrag en maakt afspraken.
  • Hij legt bij actief pestgedrag de gang van zaken schriftelijk vast.

De ouders van het gepeste kind:

Bespreken het pestprobleem als het kind ermee komt met de leerkracht, als het een schoolprobleem is.

  • Voeren een open communicatie als de leerkracht hen komt inlichten over pesten.
  • Moedigen het kind aan om erover te praten.
  • Bespreekt de gang van zaken voorlopig met hun kind.
  • Accepteren het pesten niet.
  • Denken bij erg slechte weerbaarheid van hun kind na over professionele hulp.

De ouders van de pester(s):

Nemen de problemen serieus als de leerkracht ermee komt.

  • Proberen achter de oorzaak te komen.
  • Praten er met hun kind over wat voor schade het pesten aanricht.
  • Houden het gedrag en de activiteit van hun kind langere tijd in de gaten.
  • Denken bij extreem pestgedrag na over professionele hulp.
  • Houden een open communicatie met de leerkracht over het verloop.

 

Team Vossenburcht

Mei 2013

 

Zoeken

September 2017
Z M D W D V Z
1 2
3 4 5 6 7 8 9
10 11 12 13 14 15 16
17 18 19 20 21 22 23
24 25 26 27 28 29 30